Zes tips om grenzen te stellen

Grenzen stellen, daar zijn we niet goed in

zes-tips-om-grenzen-te-stellen/Grenzen stellen daar zijn wij in de zorg niet erg goed in. Tenslotte werk je in de zorg om er voor een ander te zijn. Een grens stellen past daar ogenschijnlijk niet goed in.

Daarnaast is ook een zorgprofessional niets menselijks vreemd en telt de wens om waardering voor het werk te krijgen en de wens aardig gevonden worden gewoon mee. Daar bovenop komt dan ook nog de huidige rol van de professional, waarin het accent van ‘zorgen voor’ naar voor ‘zorgen dat’ verschuift.

Empoweren en nee zeggen

Niet overnemen en activeren heeft vooral veel te maken met empowerment en het toerusten van cliënten en hun netwerk, maar vraagt tegelijkertijd ook om grenzen stellen en nee zeggen.

Met coaching en training kun je goed werken aan je kennis, vaardigheden en je zelfkennis vergroten die nodig zijn om dit goed te doen.

Wil je gelijk aan de slag? Hier alvast 6  tips om grenzen te stellen, beter worden in grenzen aangeven en nee zeggen.

Zes tips om grenzen te stellen

  1. Als iemand je iets vraagt: Geef niet gelijk antwoord op de vraag, maar neem even tijd om over je antwoord na te denken. Vertel dat je er over na wil denken en er op terugkomt.
  2. Als je boos of ongeduldig bent, maak een afspraak om een en ander op een ander moment te bespreken. Het is heel  gebruikelijk om te zeggen dat je ergens op terug komt. Afhankelijk van de situatie kan dat een half uur of zelfs een week zijn.
  3. Grenzen stellen en nee zeggen kun je oefenen en voorbereiden.
  4. Leef je in, in de ander. Waar komt zijn vraag vandaan en hoe kan je wel helpen? Zeg geen nee, maar herformuleer samen de vraag en verken de opties die wel mogelijk zijn.
  5. Denk er over na dat ook jouw tijd en energie waardevol zijn.
  6. Laat je niet om de tuin leiden door complimenten, die bedoeld zijn om jou over je grenzen heen te laten gaan. Bijvoorbeeld ‘Jij bent de enige die dat echt goed kan.’

Blijf een waardevol mens

zes-tips-om-grenzen-te-stellen/Ga de uitdaging aan, stel je grenzen op de juiste manier en zeg vaker nee! Zo behoud je meer je eigenwaarde en blijf je voor jezelf en anderen een waarde(n)vol mens (ook als zorgverlener :-).

Wil jij leren grenzen stellen en hier samen met het team aan de slag gaan?

Vraag dan informatie aan over onze training ‘Prettig assertief’: http://zin-in-zorg.nl/training-prettig-assertief/

Of neem contact op met Wies Vink, 06- 51832505, wvink@zin-in-zorg.nl voor coachingsvragen en training op maat.

Hoe ga je om met lastige mensen deel 2

In de schoenen van een ander staan – Hoe doe je dat?

hoe-ga-je-om-met-lastige-mensen-deel-2/In een eerder artikel over “Hoe ga je om met lastige mensen? schreef ik dat het goed werkt om eens in de schoenen van een ander te gaan staan; je eens te verplaatsen. In dit artikel “Hoe ga je om met lastige mensen deel 2” ga ik hier verder op in: In de schoenen van een ander staan: Hoe doe je dit?

In gesprekken hoor ik vaak praten over lastige mensen. Maar in wezen klopt dat natuurlijk niet. Wanneer mensen gedrag vertonen waar we zelf moeite mee hebben, zegt dat iets over onszelf, ons gedrag en onze communicatie. Om verandering aan te brengen in een voor jou lastige relatie zul je dus iets anders moeten doen. Zelf verantwoordelijkheid nemen en iets anders aan mijn communicatie en gedrag doen om mijn doel te bereiken. Vaak blijkt dat in de praktijk een gezamenlijk doel te zijn.

Hoe ga je om met lastige mensen – deel 2

Subtiele veranderingen in je eigen communicatie en gedrag kunnen een vastgelopen relatie losser maken. Wanneer je graag meer inzicht of informatie wilt over jezelf en de ander in de relatie, kun je goed gebruik maken van de waarnemingsposities.

Je kunt drie verschillende posities innemen om de situatie te bekijken en ervaren. Door vanuit deze verschillende posities naar een situatie te kijken, te luisteren en te ervaren kun je dingen ontdekken die je je daarvoor niet bewust was. In NLP worden dat de eerste, tweede en derde positie genoemd.

De 3 waarnemingsposities:

  • De eerste positie, vanuit jezelf
  • De tweede positie, vanuit de ander
  • De derde positie, vanuit de observerende positie (ook wel meta genoemd).
hoe-ga-je-om-met-lastige-mensen-deel-2/

Bron: NLP op het werk van Lynne Cooper

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In de eerste positie bekijk je alles met eigen ogen, hoor je alles met je eigen oren en heb je je eigen gevoelens. Je staat in deze positie dus in je eigen schoenen. In dit geval gaat het om jouw gedachten, jouw zorgen, jouw waarden en jouw overtuigingen die bepalen wat jij denkt, zegt of doet.

In de tweede positie kruip je in de huid van een ander. Je denkt, voelt, doet, ziet, hoort, ruikt en proeft alsof je volledig de ander bent. Je wordt a.h.w. even de ander, je leeft je volledig in in de ander. Empathie dus…

Mij valt steeds weer op dat wanneer ik oprecht in de schoenen van de ander ga staan, het gedrag in de tweede positie helemaal normaal vindt. Ook al vind ik dat in de eerste positie moeilijk, lastig, vreemd…etc.

hoe-ga-je-om-met-lastige-mensen-deel-2/

3 waarnemingsposities

In de derde positie bekijk je de situatie van jullie beiden alsof je een onafhankelijke buitenstaander bent, vanaf een afstandje dus. Je bent op geen enkele manier persoonlijk bij die situatie betrokken.

Van hieruit kun je jezelf in de eerste positie zien en horen, evenals de andere persoon in de tweede positie. Vanuit deze positie merk je op wat er aan de hand is en denk je objectief over de dingen na.

Als je in staat bent om tussen deze posities doelbewust heen en weer te schakelen, geeft dat je informatie over wat je vervolgens kunt doen en zeggen. In veel zakelijke communicatie is dit een waardevolle vaardigheid.

Voorbeelden uit de praktijk

  • Een bespreking over de inzet van het netwerk van de cliënt is vastgelopen. Vanuit je rol van verpleegkundige wil je dat de cliënt zijn netwerk inschakelt voor een deel van de zorgvraag, maar de cliënt wil dat niet en vindt dat daar de zorg voor moet komen. Door de derde positie in te nemen ga je zien wat er bij beiden speelt. Je eigen gedrag kun je veranderen voor een ander resultaat.
  • Eisende klant. Stel je een cliënt voor die in zorg komt en eist dat zij ‘op haar gekozen tijd’ geholpen wil worden. Door in de tweede positie te gaan staan krijg je inzicht wat de behoefte van de cliënt is.
  • Omgaan met klachten van collega’s. Vaak klagen collega’s en worden emotioneel, bijvoorbeeld over de veranderingen die de organisatie doorvoert. Stap eens in positie twee en drie. Wat merk je op?
  • Een team dat rekening houdt met elkaars behoeften en gezichtspunten zal meer productief zijn en meer werkplezier ervaren. Welke posities worden hier ingenomen voor dit resultaat?

In een derde artikel: Wat is het beste perspectief? En wat zijn de gevolgen?

Actief luisteren

Over verbale communicatie


luisteren close-up-18753_640“Luister je wel?” Ik vraag het als ik mijn partner iets vertel. “Je reageert niet, heb je wel gehoord wat ik zei? Ja, ja, ik luister wel …”. Ook op het werk hoor je het mensen zeggen! Mensen doen niks verkeerd. Ze onderbreken je verhaal niet, lopen niet weg, de telefoon is geen spelbreker en toch voel je dat er niet geluisterd wordt. Waarom weet je dat er niet naar je geluisterd wordt?

Luisteren met aandacht

Aandachtig luisteren is zichtbaar en voelbaar wanneer je iemand met aandacht aankijkt en een luisterende houding aanneemt. Wees stil en houd je mond even. Een valkuil is dat je in gedachten al bezig bent met een antwoord of reactie op moment dat iemand aan het vertellen is. Dat is geen luisteren. Als je echt luistert, ben je stil van binnen en is er ruimte voor de ander om te vertellen zonder dat je antwoord hoeft te geven. En dat brengt rust.

Actief luisteren

Degene die vertelt, wil ervaren en voelen dat de luisteraar op hem gericht is en hem begrijpt. Hoe ‘doe’ je actief luisteren? Door:

  • vragen stellen die belangstelling verraden;
  • open vragen die richting geven;
  • samenvatten om te laten merken dat je de verteller begrijpt;
  • gevoelsreacties weergeven.

Belangstellende vragen

luisteren compassion-857747__180Zowel in werk als privé is het belangrijk effectieve vragen te stellen. Thuis bijvoorbeeld aan tafel over dagelijkse belevenissen, in een gesprek met een vriendin die het moeilijk heeft, een praatje met je buren over de heg.

In je werk is de aanwezigheid of het ontbreken van deze vaardigheid essentieel. De eerste vraag die je stelt is al van belang. Hij moet relevant zijn, goed te beantwoorden en interesse verraden.

Relevante en belangstellende vragen sluiten aan bij datgene waarvan je weet dat ze voor de ander van betekenis zijn. Als een cliënt zich zorgen maakt over de uitslag van een onderzoek die hij van de arts op maandag gaat krijgen, dan gaat je vraag dinsdag natuurlijk over de uitslag. Je sluit aan bij zijn beleving, bij zijn manier van denken, voelen en beleven.

Als je de ander niet kent, kun je aansluiten bij wat je van tevoren te weten bent gekomen: iemands werk, ziekte, familie of hobby’s. Weet je niets van iemand, kun je via open en gesloten vragen makkelijk contact maken.

Open vragen die richting geven

Goede vragen zijn open en geven richting. Ze kunnen niet met alleen ‘ja’ of ‘nee’ worden beantwoord. Ze beginnen met: ‘hoe’, ‘wat vind je van …?’, ‘waarom’, ‘op welke manier …?’ of ‘vertel eens over …?’ In open vragen ligt het gewenste of verwachte antwoord niet vast. Een open vraag die richting geeft is bijvoorbeeld: ‘Hoe was dat gesprek waar je zo over inzat?’ is veel beter.

Op gesloten vragen vragen krijg je meestal een antwoord van één of twee woorden bijvoorbeeld: ‘Bent u bij de arts geweest?’ of ‘Hoe laat zal ik morgenochtend komen: om half acht of om zeven uur?

Samenvatten

Een goede samenvatting pakt de essentie, is kort, in eigen woorden en vragend van toon. Door de vragende vorm nodig je de ander uit te corrigeren als je ernaast zit. Het is niet erg als jouw samenvatting niet helemaal juist is. De ander zal direct aanvullen wat ontbreekt. Dat je er de moeite voor doet, wordt op zich al gewaardeerd.

Gevoelsreacties

Gevoelsreacties als aanvulling op belangstellende vragen en goede samenvattingen, zijn een aanmoediging, om uitvoeriger te vertellen. In bovenstaand voorbeeld wanneer de cliënt kan vertellen en de uitslag is goed, is een reactie als : “Wat ben ik blij voor u!

Actief luisteren is (hard) werken met je hart. Wie dat over heeft voor zijn persoonlijke en professionele relaties, krijgt veel terug. Aandacht is een groot cadeau.

Ook deze artikelen kunnen interessant voor je zijn:
Als je goed luistert hoor je meer>
– Belevingsgericht zorgen en communiceren is werken en groeien vanuit je eigen vak>
– Ezelsbruggetjes voor goede communicatie>

Zin-in-Zorg – Contact – www.zin-in-zorg.nl

Partners in crime

‘Ware Zorgen doe je samenpartners in crime’ zei de fysiotherapeut tegen de moeder toen zij samen bedachten hoe ze haar lichamelijk beperkte zoon zover konden krijgen zijn oefeningen te doen.

Ook al woonde haar zoon al een aantal jaar in een woonvoorziening, moeder wist precies hoe de fysiotherapeut zijn autoriteit naar haar zoon moest laten gelden om hem actief te krijgen. Om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn eigen fitheid en mobiliteit. Op zijn beurt drukte de fysiotherapeut de moeder op het hart haar zoon dan ook te laten en er niet bovenop te zitten.

De zorg wordt steeds meer een zaak voor iedereen. Zorgen doe je samen. Ook met het oog op de toekomstige ontwikkelingen in de zorg, wordt verwacht dat zorgprofessionals, cliënten en mantelzorgers een partnership aangaan voor de zorg voor de cliënt.

Partners in Crime

Een partnership tussen zorgprofessionals en familie is voorwaarde voor het leveren van goede zorg. Hoe geef je zo’n samenwerking vorm? Door samen aan de slag te gaan. Een goed gesprek, luisteren en leren van elkaar is het fundament om hier een succes van te maken. Partners in crime.
Een positieve zorgcultuur creëren met Inzicht in elkaars drijfveren en begrip voor elkaars keuzes in heden en verleden. Een zorgcultuur waarin je ruimte maakt met elkaar voor eigen kracht en eigen regie. Een zorgcultuur waarin je samen zoekt naar wat werkt. 

Open communicatie

Open communicatie is voorwaarde voor een geslaagde samenwerking tussen zorgprofessionals en mantelzorgers.

Open communicatie begint al bij het bepalen wat je wilt bereiken, wanneer je tevreden bent. Het gaat hier dus over het WAT.

Open communicatie betekent ook naar elkaar willen luisteren, open staan voor elkaars wensen en ideeën, van elkaar wat willen aannemen en leren.  Het gaat hier dus over het HOE.

Open communicatie is ook ontdekken hoe je elkaar het beste kunt ondersteunen met oog voor eigen kracht en eigen regie. Samen ruimte maken voor elkaars rol en taak. Het gaat hier dus over het WIE.

Durven en doen

Open communiceren is durven en doen. Als je niet durft te zeggen wat je wil of wat je belangrijk vindt als zorgverlener of naaste familie, dan zit je jezelf in de weg. Als je dit wel durft dan geeft dit vrijheid.

Angst is een slechte raadgever zegt mijn moeder altijd, en ze heeft helemaal gelijk. Angst om je te uiten, vragen te stellen, feedback te geven komt vaak voort uit eigen gedachten. Een mantelzorger die bijvoorbeeld denkt “Ze zullen me vast een zeurpiet vinden” stelt niet snel vragen. Een verzorgende die denkt “Thuis hebben ze het altijd zo gedaan, dus wie ben ik om iets anders voor te stellen”, deelt haar best goede idee niet met de familie.

Jammer als het zo gaat. Het legt een voedingsbodem voor omzichtig met elkaar omgaan, ontstaan van ergernis en vooronderstellingen of interpretaties die misschien helemaal niet kloppen.

Zorgen doe je samenHeel fijn, als je als zorgprofessionals en mantelzorgers elkaar wel weet te vinden, wel elkaar durft aan te spreken, te bevragen, voorstellen te doen. Samen doen wat werkt voor de cliënt met respect voor elkaars mening en positie. 

 

Het is nooit te laat

Ik heb zelf ooit training gevolgd over angst. Heel interessant, want angst wordt lang niet altijd benoemd of herkend, maar speelt in de communicatie een grote rol.  Bang zijn om de controle te verliezen, om te horen dat wat je doet niet goed genoeg is. Bang voor de mondigheid van een ander, bang om niet aardig gevonden te worden, bang om……..

Wat ik van de training altijd heb onthouden is het motto: ‘Het is nooit te laat’. Het is nooit te laat om toch je waardering uit te spreken, of om te zeggen dat je wellicht te fel reageerde. Het is nooit te laat om toch nog te zeggen wat je niet leuk vond, ook al durfde je dat vorige week niet.

Wat een vrijheid geeft dat! Het is dus ook nooit te laat om toch het gesprek aan te gaan. Om met de mantelzorger te gaan praten over wat werkt en niet werkt. Om samen te kijken met de familie wat er leeft, wat er anders of beter kan.

Voel je vrij en ga het gesprek aan! Zoek de samenwerking en wordt ‘partners in crime’.

Reageren? Ja graag!

We zijn benieuwd naar jouw ervaringen. Deel je reactie hieronder.

Zin-in-Zorg heeft een training ontwikkeld voor zorgprofessionals, familie en andere mantelzorgers om ‘partners in crime’ te worden. Meer weten? Klik hier… of neem contact met Wies Vink op. Telefoon tel 06-51832505

Nog geen abonnee? Ontvang direct het nieuwste artikel in je mailbox. Meld je hier aan

Dementie Eetlust en Communicatie: wat hebben die nu met elkaar te maken?

Altijd het laatste artikel ontvangen? Meld je hier aan

Zintuigen belangrijk in communicatie met mensen met dementie

http://zin-in-zorg.nl/2014/dementie-eetlust-en-communicatie-wat-hebben-die-nu-met-elkaar-te-maken/Het communiceren met mensen met dementie verandert naarmate de dementie toeneemt. Hoewel het  meest bekende symptoom van dementie de achteruitgang van het  geheugen is, kunnen gedrag en karakter ook veranderen. Dat heeft ook invloed op de eetlust. Dementie eetlust en communicatie: wat hebben die nu met elkaar te maken?

Voorkomende ziekteverschijnselen

Iemand met dementie heeft ook één of meerdere van de volgende ziekteverschijnselen:

  • Afasie: Iemand kan niet meer zeggen wat hij wil. Hij kan de taal minder goed gebruiken dan voorheen. Veel mensen ondervinden tijdens hun vakantie in het buitenland de frustratie die vergelijkbaar is met afasie. Bijvoorbeeld: Je weet dat je het woord voor postzegel in het Frans kent, je weet wat een postzegel is, maar je komt niet meer op het exacte woord. Mensen met afasie ondervinden dagelijks deze problemen.
  • Apraxie: Doelgerichte handelingen niet meer uit kunnen voeren, zoals de kraan open en dicht draaien.
  • Agnosie: Voorwerpen niet meer kunnen herkennen. Iemand herkent een vork niet meer en weet niet wat ermee te doen.
  • Stoornis in uitvoerende functies: Logische gevolgtrekkingen niet meer kunnen maken. Bijvoorbeeld een kraan naar de hete kant opendraaien… mensen weten niet meer dat het gevolg is dat ze zich kunnen branden.

Communiceren wordt moeilijker en kost meer tijd  als je woorden en bekende begrippen niet meer herkent. Denk je maar eens in, hoe het zou zijn als je in China bent. Wanneer je daar ziek wordt en je spreekt de taal niet, heb je een communicatieprobleem, toch?

Gelukkig kunnen we met onze zintuigen communiceren

In onze communicatie –  met collega’s, bewoners  en cliënten spelen onze zintuigen een belangrijke rol. We luisteren naar wat iemand zegt of roept en de toon waarop; we kijken naar iemand die binnenkomt; we geven iemand een arm en voelen de huid van de ander. Of een bewoner reageert anders dan gewoonlijk, we voelen aan dat hem of haar iets dwars zit. We ruiken eten dat op tafel staat, we proeven de bouillon. We voelen ons blij, gelukkig, en zien er verdrietig of boos uit…

Hoe bevorder je het contact en wek je de eetlust op met hulp van jouw communicatie?

Kleinschalig wonen biedt in het dagelijks leven veel mogelijkheden om contact te maken met bewoners en onderling het contact te versterken. Met elkaar leven en wonen biedt veel openingen om ‘anders’ te communiceren. En creëert tegelijkertijd een warm thuis waarin men zich veilig voelt.

http://zin-in-zorg.nl/2014/dementie-eetlust-en-communicatie-wat-hebben-die-nu-met-elkaar-te-maken/Het is leuk om rond het thema eten in contact te zijn. Geuren, kleuren, smaak en geuren zijn een beleving. Daarbij snijdt het mes aan twee kanten. Een veel voorkomend verschijnsel bij mensen met dementie is dat de eetlust afneemt. Je communiceert, bent in contact en stimuleert de eetlust tegelijkertijd.

10 tips

  1. Gebruik een vaste routine, zodat dit herkenning geeft.
  2. Drink koffie met de bewoners aan tafel. Serveer iets lekkers bij de koffie of allerhande hapjes verschillend van smaak en geur om te ruiken en te proeven. Je kan ook kiezen voor iets waarvan je weet dat individuele bewoners dit lekker vinden, traditionele streekgerechten of juist de buitenlandse keuken.
  3. Bereid het eten zo veel mogelijk aan de huiskamertafel voor. Betrek bewoners bij aardappelen schillen, groente schoonmaken. Kunnen ze nog een aardappel schillen? Of de aardappelen in de pan met water doen?
  4. Samen soep maken is ook een mogelijkheid. Mensen kunnen groenten snijden, in de pan doen, gehaktballetjes maken. Bouillon geeft een heerlijke geur. Dat wekt de eetlust op.
  5. Dek samen de tafel en maak het gezellig. Zet schalen met eten op tafel. Wanneer je de deksels eraf haalt, ruik je de verschillende geuren. Praat intussen over geur, kleur en smaak, wat je ruikt, ziet, proeft.
  6. Laat de bewoner zelf kiezen: Laat bijvoorbeeld twee verschillende groentes zien. Wilt u bietjes of sperziebonen? Is deze meerkeuzevraag te verwarrend voor een cliënt: Vraag dan enkel: Wilt u bietjes? Gebruik korte zinnen.
  7. Eet zelf ook een (klein) hapje mee. Zien eten doet eten.
  8. Herkent een bewoner zijn vork niet meer? Het zien gebruiken van anderen vindt vaak navolging. Neem het dus niet gelijk over, door te gaan helpen met eten. Geef de ander de tijd, om uit te vinden waar dat stuk ijzer (lepel) voor bedoeld is.
  9. Brood (af)bakken ruikt heerlijk. Vis en vlees braden ook… daarna met elkaar eten.
  10. Samen een fruitsalade maken is een feest van vorm, kleur en geur en smaak. Het zien, voelen, vasthouden en ruiken aan een rijpe appel. Verschillende soorten fruit, vers en uit blik (op sap) samen snijden en alvast proeven en dan samen de fruitsalade maken of misschien bowl maken.

Veel plezier met elkaar!

Nu hebben wij een vraag aan jou: Wat doe jij om het onderlinge contact te versterken? We lezen je reactie graag !

PS Tel maar eens het aantal zintuiglijk specifieke woorden in dit artikel

Meer weten over Zin-in-Dementiezorg? Neem contact op en mail of bel Wies Vink 06-51832505.

Nog geen abonnee? Ontvang direct het nieuwste artikel in je mailbox. Meld je hier aan

Zelfsturende Teams Resultaat in Zorg


http://zin-in-zorg.nl/2012/zelfsturende-teams-resultaat-in-zorg/
Zelfsturing is een manier waarbij teams meer zeggenschap over hun eigen werk krijgen. Er is een toenemende behoefte van zorgteams om zo te werken.
Een van de voordelen van zelfsturing is dat medewerkers meer tevreden over hun werk en de organisatie zijn. Voor een organisatie kan zelfsturing een reden zijn om kosten te besparen. Als er geen leidinggevende meer is, kan dat veel geld schelen!

7 Tips hoe je zelfsturing op gang kunt brengen:

  1. Zorg dat je kaders duidelijk voor ogen hebt voor een gezonde financiële situatie van je team. Welk percentage van je uren van je dienstverband mag je inzetten voor overhead taken, naast het belangrijkste deel van je werk: de zorg voor cliënten. Want dan weet je wat je uitgangspunt is en dat geeft richting aan je acties.
  2. Bepaal een teamvisie en doelstelling. Welk team willen jullie zijn, wat willen jullie doen en wat willen jullie kunnen? Formuleer dit in een of twee zinnen. En maak het SMART.
  3. Inventariseer welke taken er liggen en gedaan moeten worden. Verdeel taken en geef daaraan gekoppeld ook verantwoordelijkheid en bevoegdheid mee.
  4. Maak een tijdsplanning, wanneer iets klaar moet zijn. Verdeel de taak in delen en zet die in een tijdspad. Als iedereen betrokken wordt, maak je gebruik van elkaars ideeën. Met elkaar bereik je meer!
  5. Spreek regelmatig met het team af om elkaar te informeren, te inventariseren wat goed gaat en wat beter kan en wie dit oppakt. Verbind ook hier concreet een tijd aan. De methodiek van het teamoverleg zoals die gebruikt worden in organisaties waar wij het proces van zelfsturing begeleiden is een hele adequate!
  6. Vraag hulp! In plaats van zelf het wiel uitvinden, vraag hulp. Wie heeft kennis en goede ervaringen met onderwerpen waarmee je als team aan de slag wilt? Neem de goede dingen over.
  7. Laat je ondersteunen bij het oplossings- en resultaatgericht communiceren. Want zelfsturing gecombineerd met resultaatgericht communiceren bespaart veel tijd tijd en geeft veel plezier! De manier waarop je iets vraagt of inbrengt, vanuit welke overtuiging je dit doet maakt alles uit voor het resultaat wat je krijgt.
Ook bij Zin-in-Zorg zijn we actief met het trainen en coachen van zelfsturende teams. Het enthousiasme en de resultaten om met zelfsturing en daarmee meer verantwoordelijkheid te werken zijn verbluffend en vaak verrassend eenvoudig.
Wil je meer weten over zelfsturende teams, dan is dit boek een aanrader. Of neem eens contact op met Wies Vink: wvink@zin-in-zorg.nl

Zelfsturende Teams Resultaat in Zorg

http://zin-in-zorg.nl/2012/zelfsturende-teams-resultaat-in-zorg/Sinds de oprichting van Buurtzorg Nederland geniet zelfsturing veel belangstelling. Zelfsturende teams geeft voordelen: veel verantwoordelijkheid bij de medewerkers; grote betrokkenheid van de medewerkers bij de inhoud van het werk en flinke besparingen in de overheadkosten door wegvallen van operationeel management.

In “Zelfsturende teams in de praktijk” lees je over een zelfsturende organisatie in de dagelijkse praktijk. Hoe communiceer je met elkaar, hoe pak je problemen aan tijdens vergaderingen en hoe ga je om met het bewaken van de kwaliteit?

Zin-in-Zorg traint en coacht regelmatig zelfsturende teams. Teams zijn enthousiast over de  zelfsturing en de verantwoordelijkheid die zij krijgen. Ze inspireren elkaar en de resultaten zijn verbluffend en vaak verrassend eenvoudig.
Wil je meer weten over zelfsturende teams, neem contact op met Wies Vink: wvink@zin-in-zorg.nl. Onze training over Betere Communicatie is Betere Zorg is ook een aanrader!