Netwerk activering en persoonlijke verzorging geen logische combinatie

Eerder Geplaatst op 24 oktober 2013 door Astrid Buis

De juiste balans tussen formele en informele zorg. Eén van de bakens in ‘Welzijn Nieuwe Stijl’ die worden toegepast bij de uitvoering van de Wmo. Wat is dat precies?

http://zin-in-zorg.nl/2013/sociale-activering-persoonlijke-zorg-wmo/Het komt er op neer dat er samenwerking en balans is tussen de professionele zorgverlener en het onbetaalde netwerk van de cliënt.

Onbetaald netwerk? Dat zijn de mantelzorg, vrijwilligers, buurtgenoten en familie.  Het is dus de bedoeling dat de zorgverlener minder gaat doen en de cliënt en zijn/haar netwerk meer zelf gaan oplossen.

Netwerk activering en persoonlijke verzorging geen logische combinatie

Vaak doemen dan nu schrikbeelden op:

  • Moet ik de buren van mijn cliënt vragen om haar te wassen?
  • Mijn kinderen wonen aan de andere kant van het land, wie zorgt er straks voor mij?
  • Ik heb een full-time baan en een gezin. Het is voor mij onmogelijk om dagelijks bij mijn ouders langs te gaan.

Vanuit de politiek wordt steeds weer geroepen dat het niet de bedoeling is dat we onze oude buurman gaan douchen?

‘Pffffffff…gelukkig. Maar wat dan wel?’

De vraag van een burger zal steeds vaker integraal en in de breedte worden benaderd. Laten we een voorbeeld nemen: Op huisbezoek bij mevrouw De Vries die graag twee keer in de week gedoucht wil worden. Bij deze intake vallen je ook andere zaken op: De vuilniszak wordt niet buitengezet, de garderobe van mevrouw is kapot en vuil, zij komt niet meer buiten en de etenswaren in de koelkast zijn zwaar over de datum.

Het bespreekbaar maken van deze onderwerpen is onderdeel van het werk van de zorgprofessional. Waarbij het ook nog de kunst is van ons vak om oordeel en eigen waarden en normen niet te projecteren op je cliënt. Vroeger maakten we samen met de cliënt uit het voorbeeld en eventueel mantelzorg een zorgplan en werd er met hogere regelmaat vaker per week zorg ingezet.

Nu worden dit soort vraagstukken in relatie met de omgeving opgelost en aangepakt.

‘O.k. lekker beleidszinnetje, maar wat betekent dat?’

Het bespreekbaar maken, signaleren en het douchen van deze cliënt blijft het terrein van de professional. Samen met de cliënt, welzijn, een vrijwilliger, de familie en de buren werk je aan de zelfredzaamheid en ondersteuning die het mogelijk maken dat mevrouw De Vries thuis kan blijven wonen.

‘Hoe gaat het in 2016?’

In 2016 wordt er meer ingezet op zelfredzaamheid, eigen kracht, sociaal netwerk en welzijn.

  • De buren zetten de vuilnisbak buiten en wandelen 1x per week met mevrouw mee naar de filmavond op de ontmoetingsplek, een vrijwilliger loopt ’s avonds met haar terug.
  • De kinderen zijn betrokken bij het op orde houden van de kleding en hebben nu een digitale agenda, zodat de bezoeken beter worden afgestemd.
  • Er is een instructie met pictogrammen gemaakt voor mevrouw. Zij kan hierop kijken hoe ze zich ’s morgens en ’s avonds kan aan- en uitkleden.
  • In de keuken hangt een dergelijke instructie voor het koffiezetten.
  • Verder is er gekeken naar de huishoudelijke hulp. Mevrouw kan de hulp zelf betalen, maar heeft geen idee waar er één te vinden. Via een erkend bemiddelingsbureau voor huishoudelijke hulp komt er 2 uur in de week hulp. De bemiddeling is betaald door de gemeente, het loon door mevrouw zelf.
  • 5 x per week eet mevrouw tussen de middag in het buurtrestaurant. Zij wordt opgehaald door een buurtbewoner met een lichte verstandelijke beperking die het leer-werktraject niveau 1 volgt.

‘Ach… op papier klinkt het allemaal prachtig, maar wat kan ik als verzorgende hieraan bijdragen?’

In deze toekomst zal er een ander beroep worden gedaan op jouw competenties en vaardigheden. Het is goed om kritisch te blijven op de grenzen van de participatiesamenleving, maar nog belangrijker om er nu al mee aan de slag te gaan.

Wil jij en jouw team aan de slag met coaching, netwerkactivering en het organiseren van arrangementen in de wijk? Een bijdrage leveren aan de wijkgerichte aanpak!

Wil je weten hoe het staat met jouw competenties en de Wmo? Dat kan! Vraag dan informatie aan over onze competentiemetingen.

Neem vrijblijvend contact met mij op: Wies Vink,  wvink@zin-in-zorg.nl. 06-51832505

Lees ook deze blogs:

Betrokken bij de client en zijn familie Trots op de zorg

Cliënten en medewerkers en familie zorgen samen!

Betrokken bij de client en zijn familie. Trots op de zorgBetrokken bij de client en zijn familie Trots op de zorg. Wie in de zorg werkt kan trots zijn op zijn werk.

Jij werkt samen met collega’s en familie voor mensen die kwetsbaar zijn en afhankelijk van zorg. Je zet je deskundigheid in voor de cliënt maar ook voor de familie. Je ben betrokken bij de patiënt, maar ook voor zijn of haar dierbaren. Betrokkenheid en trots op je werk groeit als je niet alleen goed zorgt voor de cliënt, maar ook een goede samenwerking hebt met de familie. Zorg en familie hebben elkaar nodig! Zin-in-Zorg helpt zorgprofessionals en familie met plezier hun werk te doen.

Familie staat dichtbij de cliënt

Ben je betrokken bij en trots op de samenwerking met familie en mantelzorg? Een vraag die in deze tijd van verandering past. Zorg en familie hebben elkaar meer dan ooit nodig. Hebben elk hun eigen visie wat goed is voor de dierbare, patiënt, cliënt. Zorg en familie brengen hun professionele en ervaringsdeskundigheid in, ieder vanuit hun eigen perspectief.

Vanuit dit gezamenlijke perspectief een zorgleefplan maken, dat heeft zin en geeft betekenis. En daarin schuilt trots, betrokkenheid en plezier in samenwerking. Zoek het dichtbij door beter contact met familie en dan groeit je trots. Ervaringen waar je trots op kan zijn!

Betrokken bij de client en zijn familie Trots op de zorg

Twee voorbeelden:
http://zin-in-zorg.nl/2014/betrokken-bij-de-client-en-zijn-familie-trots-op-de-zorg/http://zin-in-zorg.nl/2014/betrokken-bij-de-client-en-zijn-familie-trots-op-de-zorg/Een zoon komt op bezoek bij zijn dementerende vader in het verpleeghuis en speelt in de huiskamer een spelletje Domino  met hem. Een andere bewoner komt erbij zitten, pakt een paar dominostenen en gaat uit zichzelf meedoen. Hij herkent een paar cijfers, maar weet de spelregels niet meer.
Hoe reageer je?

Een dochter van een andere bewoner vraagt of ze iets mag koken wat haar vader lekker vindt, een recept van zijn vrouw, haar moeder. Toen haar vader nog thuis woonde, at hij kant-en klaarmaaltijden, behalve één dag in de week als deze dochter kwam op zondag. Dan kookte zij steeds een bekend en favoriet  maaltje voor haar vader, zich herinnerend hoe haar moeder kookte. Nu woont vader in een kleinschalig woonproject. Ze vraagt of ze voor haar vader en de andere huisgenoten mag koken? Familie in de keuken.
Hoe reageer je?

Betrokken bij de cliënt en zijn familie Trots op de zorg
Zomaar een paar voorbeelden waarin trots, betrokkenheid en samenwerking zichtbaar kunnen worden.

Hoe ontwikkel je trots, betrokkenheid en samenwerking met familie?

Trots wordt vaak verward met arrogant. Zo willen zorgprofessionals niet zijn. Mensen hebben een hekel aan arrogant gedrag.

betrokken bij de client en zijn familie trots op de zorgToen ik eens in een training vroeg: “Waar ben je trots op?”, kreeg ik te horen: “Trots, nee dat woord past niet bij mij.” Ik vroeg hen toen, wat geeft je voldoening, waar word je blij van in je werk? Op die vraag kwamen wel veel reacties! Wat opviel: een trots gevoel versterkt je zelfvertrouwen en dat van je teamgenoten.

Een medewerker met zelfvertrouwen neemt vaker initiatief, voelt zich verantwoordelijk en is gericht op samenwerken en heeft daarbij oog voor de omgeving, familie en mantelzorg. Werken aan het zelfvertrouwen van medewerkers is dus zowel in het belang van de cliënt en zijn familie, de medewerker en de zorgorganisatie.

5 tips voor leidinggevenden

  1. Kijk waar medewerkers goed in zijn en daag ze uit om op een positieve manier feedback te ontvangen om meer uit de samenwerking met familie en mantelzorg te halen. Laat zorgprofessionals en familie zoveel mogelijk meedenken over de invulling van hun (vrijwilligers)werk. Hoe kunnen ze elkaar aanvullen en versterken?
  2. Daag medewerkers uit bewust te kijken naar waar familie en mantelzorgers goed in zijn/ plezier in hebben. Te vragen en luisteren naar wat ze graag zouden doen voor hun dierbare en evt. op de afdeling.
  3. Haal als leidinggevende het maximale uit medewerkers door bewust te sturen op het geven van feedback op een manier die werkt en de onderlinge betrokkenheid versterkt. Uit je vragen, zorgen, maar zeker ook je waardering.
  4. Een goede manier is om eerst eens om de tafel te gaan zitten met beiden en vragen wat er beter of anders kan. Hoe kun je een praktische invulling geven aan de behoefte aan samenwerking?
  5. Stimuleer plezier in samenwerking en stimuleer initiatieven van individuele zorgprofessionals en mantelzorgers. Door hen verantwoordelijkheid en ruimte te geven, groeit betrokkenheid en het gevoel van trots op elkaar.

Samenwerken met mantelzorgers en familie is de basis en daarvoor is onderlinge communicatie en feedback cruciaal. Om deze randvoorwaarde vorm te geven, ontwikkelden wij de training: Zorgen doen we samen.

In een training van 1 of 2 dagdelen gaan medewerkers en mantelzorgers samen in training. Meer informatie vind je op deze pagina.

Ook aan andere ideeën die er in jouw organisatie leven, kunnen we invulling geven. We denken graag met je mee. Denk bijvoorbeeld aan invulling van een huiskamergesprek of een bijeenkomst met contactpersonen van cliënten. Neem contact op met wvink@zin-in-zorg.nl.

Neem contact op

Nog geen abonnee? Ontvang direct het nieuwste artikel in je mailbox. Meld je hier aan

Partners in crime

‘Ware Zorgen doe je samenpartners in crime’ zei de fysiotherapeut tegen de moeder toen zij samen bedachten hoe ze haar lichamelijk beperkte zoon zover konden krijgen zijn oefeningen te doen.

Ook al woonde haar zoon al een aantal jaar in een woonvoorziening, moeder wist precies hoe de fysiotherapeut zijn autoriteit naar haar zoon moest laten gelden om hem actief te krijgen. Om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn eigen fitheid en mobiliteit. Op zijn beurt drukte de fysiotherapeut de moeder op het hart haar zoon dan ook te laten en er niet bovenop te zitten.

De zorg wordt steeds meer een zaak voor iedereen. Zorgen doe je samen. Ook met het oog op de toekomstige ontwikkelingen in de zorg, wordt verwacht dat zorgprofessionals, cliënten en mantelzorgers een partnership aangaan voor de zorg voor de cliënt.

Partners in Crime

Een partnership tussen zorgprofessionals en familie is voorwaarde voor het leveren van goede zorg. Hoe geef je zo’n samenwerking vorm? Door samen aan de slag te gaan. Een goed gesprek, luisteren en leren van elkaar is het fundament om hier een succes van te maken. Partners in crime.
Een positieve zorgcultuur creëren met Inzicht in elkaars drijfveren en begrip voor elkaars keuzes in heden en verleden. Een zorgcultuur waarin je ruimte maakt met elkaar voor eigen kracht en eigen regie. Een zorgcultuur waarin je samen zoekt naar wat werkt. 

Open communicatie

Open communicatie is voorwaarde voor een geslaagde samenwerking tussen zorgprofessionals en mantelzorgers.

Open communicatie begint al bij het bepalen wat je wilt bereiken, wanneer je tevreden bent. Het gaat hier dus over het WAT.

Open communicatie betekent ook naar elkaar willen luisteren, open staan voor elkaars wensen en ideeën, van elkaar wat willen aannemen en leren.  Het gaat hier dus over het HOE.

Open communicatie is ook ontdekken hoe je elkaar het beste kunt ondersteunen met oog voor eigen kracht en eigen regie. Samen ruimte maken voor elkaars rol en taak. Het gaat hier dus over het WIE.

Durven en doen

Open communiceren is durven en doen. Als je niet durft te zeggen wat je wil of wat je belangrijk vindt als zorgverlener of naaste familie, dan zit je jezelf in de weg. Als je dit wel durft dan geeft dit vrijheid.

Angst is een slechte raadgever zegt mijn moeder altijd, en ze heeft helemaal gelijk. Angst om je te uiten, vragen te stellen, feedback te geven komt vaak voort uit eigen gedachten. Een mantelzorger die bijvoorbeeld denkt “Ze zullen me vast een zeurpiet vinden” stelt niet snel vragen. Een verzorgende die denkt “Thuis hebben ze het altijd zo gedaan, dus wie ben ik om iets anders voor te stellen”, deelt haar best goede idee niet met de familie.

Jammer als het zo gaat. Het legt een voedingsbodem voor omzichtig met elkaar omgaan, ontstaan van ergernis en vooronderstellingen of interpretaties die misschien helemaal niet kloppen.

Zorgen doe je samenHeel fijn, als je als zorgprofessionals en mantelzorgers elkaar wel weet te vinden, wel elkaar durft aan te spreken, te bevragen, voorstellen te doen. Samen doen wat werkt voor de cliënt met respect voor elkaars mening en positie. 

 

Het is nooit te laat

Ik heb zelf ooit training gevolgd over angst. Heel interessant, want angst wordt lang niet altijd benoemd of herkend, maar speelt in de communicatie een grote rol.  Bang zijn om de controle te verliezen, om te horen dat wat je doet niet goed genoeg is. Bang voor de mondigheid van een ander, bang om niet aardig gevonden te worden, bang om……..

Wat ik van de training altijd heb onthouden is het motto: ‘Het is nooit te laat’. Het is nooit te laat om toch je waardering uit te spreken, of om te zeggen dat je wellicht te fel reageerde. Het is nooit te laat om toch nog te zeggen wat je niet leuk vond, ook al durfde je dat vorige week niet.

Wat een vrijheid geeft dat! Het is dus ook nooit te laat om toch het gesprek aan te gaan. Om met de mantelzorger te gaan praten over wat werkt en niet werkt. Om samen te kijken met de familie wat er leeft, wat er anders of beter kan.

Voel je vrij en ga het gesprek aan! Zoek de samenwerking en wordt ‘partners in crime’.

Reageren? Ja graag!

We zijn benieuwd naar jouw ervaringen. Deel je reactie hieronder.

Zin-in-Zorg heeft een training ontwikkeld voor zorgprofessionals, familie en andere mantelzorgers om ‘partners in crime’ te worden. Meer weten? Klik hier… of neem contact met Wies Vink op. Telefoon tel 06-51832505

Nog geen abonnee? Ontvang direct het nieuwste artikel in je mailbox. Meld je hier aan

Contact en dementie

Symposium Dementie en Palliatieve Zorg

http://zin-in-zorg.nl/diensten/zin-in-dementiezorg/Afgelopen week bezocht ik het symposium Palliatieve Zorg en Dementie: een boeiende middag rond het thema ‘contact en dementie’.

Over: Kan je geluk ervaren als je aan dementie lijdt? Hoe maak je contact met diep demente mensen? En over mantelzorgers van mensen met dementie.

Frans Hoogeveen, lector Psychogeriatrie begon zijn interactieve lezing met een persoonlijk verhaal over zijn vader die aan dementie leed. De eerste dia liet oude beelden van zijn vader zien: zijn vader, levendig en vitaal en op een andere foto zag je iemand veel meer in zichzelf gekeerd en een heel andere lichaamshouding. Dezelfde mens, maar een enorme zichtbare verandering.

Het verhaal maakte indruk. Je kon een speld horen vallen in de zaal. Ik deel graag drie dingen uit zijn lezing met je.

1 Kun je geluk ervaren als je aan dementie lijdt?

Toen Frans’ moeder in het ziekenhuis moest opgenomen, vroeg zijn vader ieder uur aan de telefoon: “Weet jij waar An is? Ik kan haar niet vinden.” De vader van Frans was enorm onrustig en bleef maar zoeken en de vraag stellen.

Het feit dat in de dementie de inprenting niet meer plaats kan vinden, maakt dat iemand blijft zoeken. De vertrouwde situatie bestaat immers niet meer. Dat roept veel emoties op. Bij geruststelling of een bezoek aan een dierbare zoals bij Frans vader kan er een geluksmoment ontstaan.

Het gelukkig en ook het ongelukkig zijn speelt zich wel helemaal af in het hier en nu. Het gaat er dus om zo veel mogelijk fijne momenten te hebben en dingen aan te reiken waardoor de onrust afneemt.

Frans vertelde hoe je als omgeving – zowel familie als zorgprofessional – invloed kunt uitoefenen op het gevoel van geluk bij mensen die leiden aan dementie. Je kunt bijvoorbeeld praktische dingen bedenken, om iemand die dementie heeft te helpen ‘herinneren’, waardoor het radeloze zoeken afneemt.

Frans en zijn broer hingen verschillende A4-tjes op met teksten, zoals ‘An ligt in het ziekenhuis’. En: ‘Frans komt je halen om 16.00 uur om bij An op bezoek te gaan’.

Simpel eigenlijk en effectief, want het werkte. Vader voelde zich gerustgesteld.

2 Contact en Dementie

Contact maken met mensen die diep dement zijn: hoe doe je dat?

We zagen een prachtig filmpje van Naomi Feil die contact maakte met Gladys Wilson, 87 jaar en diep dement. Zij was evangelist geweest en bekend met negrospirituals. Naomi pakte haar handen en zong voor haar “Jesus loves me…”. En toen gebeurde iets bijzonders… De oude mevrouw deed haar mond open, bewoog haar lippen en zong ‘zomaar’ mee. Ze keek heel gelukkig.

Het cognitieve is dan wel uitgeschakeld, maar de associatie aan iets bestaat nog wel. En dat riep de ‘herinnering’ op. Doordat Naomi zich verdiept had in haar levensgeschiedenis wist ze contact te maken met Gladys.

In het filmfragment zie je hoe Naomi contact maakt met Gladys

Muziek is zo bijzonder, omdat dat heel lang in ons brein blijft hangen. De herinnering aan de situatie kan vervaagd of vergeten zijn, de associatie blijft nog lange tijd bestaan. Wanneer je muziek hoort, die je zo rond je twintigste levensjaar goed vond, roept dat vaak sterke en positieve gevoelens en herinneringen op uit die tijd, blijkt uit onderzoek. Dat effect heeft muziek ook bij mensen met dementie.

Vraag na van welke muziek en welk lied in het bijzonder jouw cliënt hield. Ga het ervaren en zing.

3 Aandacht voor mantelzorg

http://zin-in-zorg.nl/2014/contact-en-dementie/In de workshop ‘Begeleiden van mantelzorg’ stonden we stil bij: “En wie vraagt de mantelzorger hoe het met hem gaat.”

Wat ons betreft zouden wij ook daar graag aan toevoegen wat belangrijk is voor hem/haar in de zorg aan de dierbare, wat zijn de verwachtingen en wat zou hij/zij wel graag zelf blijven doen?

Kortom een leerzame en boeiende middag.

Zie ook:  Zorgprofessionals en familie zorgen samen!
en Zelfredzaamheid, jouw zorg!

Welke geluksmomenten heb jij gedeeld?

Nu heb ik een vraag aan jou: Hoe maak jij contact met iemand met dementie? Welke geluksmomenten heb jij gedeeld met jouw cliënt? Geef hieronder je reactie ↓

Ken je iemand die dit artikel interessant vindt? Deel het via de social media knoppen hieronder.

Nog geen abonnee? Ontvang direct het nieuwste artikel in je mailbox. Meld je hier aan

Thuis wonen met verder gevorderde dementie?

thuis-wonen-met-verder-gevorderde-dementie/Steeds meer mensen krijgen te maken met een vorm van dementie, zoals Alzheimer. Zij hebben de wens om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen. Dit kan, maar niet zomaar.

Wanneer de dementie verder vordert, zijn er steeds meer zaken die toezicht en ondersteuning nodig hebben.

Voor informatie over het ziekteproces bij dementie kunt u kijken op de site van Alzheimer Nederland.

Thuis wonen met verder gevorderde dementie

Dat kan, maar niet zomaar.. Bij mensen die in aan dementie in een gevorderd stadium lijden,  zijn de beperkingen  dusdanig dat deze recht geeft op een ZZP 4 en ZZP 5 indicatie. Zonder goedwerkend (mantel)zorgsysteem zijn de beperkingen dusdanig opgelopen dat zij niet zonder meer zelfstandig kunnen wonen.

In een ZZP 5 is 24-uurs toezicht nodig terwijl de beschikbare uren recht geven op maximaal 20 uur zorg in natura per week, laat zeggen 3 uur per dag. Bij een ZZP 4 is 13,5 uur per week, bijna 2 uur per dag de norm. Het mag duidelijk zijn dat hiermee de zorg aan huis niet zomaar verantwoord geregeld is.  Vooral de dagstructuur, het toezicht en de ongeplande zorgvragen zijn met beschikbare  middelen ontoereikend.

De wens thuis te blijven wonen is dus alleen mogelijk met aanvullende inzet en middelen op de professionele zorg.

Persoonlijke omstandigheden bepalend

De persoonlijke omstandigheden en de combinaties die daarin worden gemaakt zijn daarbij bepalend:

  • Wel/geen partner.
  • Netwerk en mogelijkheden voor mantel- en familiezorg.
  • Is er iemand in het netwerk wegwijs in zorgland, waardoor bijvoorbeeld een Pgb binnen bereik komt. Met de €2.000 tot 3.000,- Pgb per maand bij een ZZP 4 of 5 kun je bijna 30% meer uren in kopen dan de natura zorg.
  • Financiële middelen.
  • Domotica, bijvoorbeeld een uitloopalarm voor de nacht met sms-signaal naar netwerk of professionele opvolging. Beeldtelefoon.
  • Vaste dagstructuur.
  • Persoonlijkheid van de persoon zelf → gedrag.
  • De buurt waarin iemand woont.
  • Inloopmogelijkheden.
  • Een casemanager die coacht, netwerkt en eigen kracht methodiek beheerst.
  • Dagbesteding die past bij de vraag, dynamiek en interesse van de cliënt.
  • De nabijheid van de professionele zorg.
  • En .. een keer verdwalen in je eigen buurt, dat mag toch wel politie en buurtbewoners?
  • Ongewassen of slordig gekleed toch nog welkom op de ouderensoos?
  • Last but not least: een uitstekende dementieketen.

Het kan, maar niet zomaar….

Om scheiden van wonen en zorg voor deze groep mensen mogelijk te maken is dus een integrale, samenhangende aanpak nodig. Waarin het zonder vrijwilligers, mantelzorg en zorginfrastructuur niet gaat lukken. Het kan, maar niet zomaar….

De medewerkers van jouw organisatie kunnen belangrijke bijdragen leveren, niet alleen aan de uitvoering, maar ook aan de organisatie van de zorg.

Oplossingsgericht werken voor casemanagers in de dementieketen bij Zin-in-Zorg is dan een prima stap, om hierin te groeien naar een nieuwe aanpak rond de ondersteuning voor thuiswonenden mensen met dementie.

Ook nadenken over een integrale en complete aanpak? Meer weten? Neem dan contact op met Wies Vink, 06 51832505.

– Dit artikel verscheen eerder op www.buismanagementadvies.nl